BUITEN DE TIJD


Ik was een paar dagen ziek. Niets ernstigs, gewoon een griepje. Maar wel erg genoeg om voor het eerst in jaren weer eens een paar dagen in bed door te brengen.

Ik herinner mij dat ik als kind ziek was. Ik kom nog uit de tijd dat ieder kind de mazelen en de bof kreeg. En als ik ziek thuis was dan lag ik in bed. Mijn moeder zorgde natuurlijk goed voor me en soms kwam zelfs de dokter langs. Vanuit bed keek ik naar buiten. Ik zag de toppen van bomen. In mijn herinnering was het altijd mooi weer buiten als ik ziek was; de zon scheen, de lucht was blauw. Ik luisterde naar de geluiden van buiten. Vogels floten. Kinderen speelden. De melkboer klingelde. Autoportieren sloegen dicht. Honden blaften. Buurvrouwen kletsten. Was klapperde aan waslijnen.

Ik werd altijd heel rustig van die geluiden. Zoals Ti-ta-tovenaar alles om zich heen stil kon zetten en zelf in een soort tijdsvacuüm door kon leven, was dit daar het omgekeerde van. Het was net of ik mij even mocht onttrekken aan het leven, maar met de geruststellende gedachte dat het leven wel gewoon door ging en dat ik gewoon weer in kon stappen als ik beter was. Het relativeerde mijn ziek zijn, maar tegelijk ook mijn leven.

Eerst was er natuurlijk verzet, ik wilde niet ziek worden. Er stonden veel te leuke dingen gepland in mijn agenda voor deze week. Maar er was geen houden aan, ik moest in bed kruipen. Ook de afgelopen dagen scheen de zon, de lucht was blauw. Buurvrouwen werken tegenwoordig, een melkboer hebben we niet meer, kinderen zitten op de naschoolse opvang en de was zit in de droger. Maar de vogels floten gelukkig nog wel. Ik hoorde dat zij zich klaar maken voor een nieuwe lente. De tijd schrijdt nog steeds voort. Ook nu wentelde ik mij in dat stukje niemandsland waar ik even niet besta, zonder opgehouden te zijn met bestaan. Gelouterd stap ik vandaag weer de tijd in.


Uitgelichte berichten
Binnenkort komen hier posts
Nog even geduld...
Recente berichten